Water besparen, soms erg lastig op reis!

Zoals ik laatst al schreef, zijn de mijnheer en ik voor een paar weken in Canada geweest. Omdat zo’n vliegreis niet zo best is voor moeder natuur, deden we in die periode extra ons best om op ons ‘gedrag’ te letten. Door bijvoorbeeld nóg vaker vegetarisch te eten en als we eten over hadden dat weg te geven aan iemand die honger had.

Maar ik heb het in mijn vorige stukje nog niet eens gehad over één van de belangrijkste bronnen van leven: water. Thuis gaan we daar al heel bewust mee om, maar in een hotel heb je dat zelf minder goed in de hand. 
Gelukkig voeren steeds meer hotels het ‘handdoeken die op de grond liggen worden vervangen voor schone, maar handdoeken die je op het rek laat hangen gebruik je nog een keer-beleid’.

Zo ook het hotel waar wij logeerden, én ze hadden een speciaal kaartje. Als je dat op je bed legde werden de lakens verschoond, zo niet dan werd het bed alleen opgemaakt. Ik vind een bed dat voor me wordt opgemaakt al heerlijk luxe, dus waarom zouden elke dag de lakens moeten worden verschoond? Dat doe ik thuis toch ook niet? 
Tot zover lukte het dus heel aardig om water te besparen.

Er was alleen één probleem: het kraanwater in Canada is net zomin te drinken als dat in de Verenigde Staten. Dat wil zeggen, tenzij je een slok uit een zwembad lekker vindt. Ik was dus blij met de flesjes water die de schoonmaaksters elke dag voor ons achter lieten in de kamer, maar milieubewust bezig was ik daar natuurlijk niet mee. Vooral niet omdat dat gebottelde water afkomstig was van Nestlé, niet echt een bedrijf waar ik als bomenknuffelaar achter sta.

We deden ons best om zo min mogelijk flesjes te verbruiken: als een restaurant gefilterd water aanbood dan bestelden we dat en vulden onze flesjes bij. Maar echt zoden aan de dijk zetten deed dat natuurlijk niet: je drinkt al gauw zo’n 2 liter water per persoon per dag. Gelukkig was het kraanwater wel goed genoeg om thee mee te kunnen zetten, dus als we op onze hotelkamer waren dronken we vooral kruidenthee.

Maar gelukkig ontdekte ik al snel een betere oplossing: toen het eerste weekend in Toronto voorbij was nam ik eens een kijkje in de sportruimte van het hotel. En daar zag ik een waterkoeler, en tot mijn vreugde kwam daar koel en chloorvrij water uit.

Vanaf die dag maakte ik regelmatig een wandelingetje naar de gym met mijn metalen drinkfles en de Dopper van de mijnheer in mijn handen om ‘even bij te tanken’. Dat heeft zonder overdrijven in twee weken toch zo’n 100 plastic flesjes bespaard.

Geen reacties

Reageer