Microplastic: kleine deeltjes, megagroot probleem

We weten wel dat plastic slecht voor de natuur en voor ons is. Toch blijft het een wat ongrijpbaar probleem. Dat komt ook omdat plastic gewoon onzichtbaar kan zijn: in plaats van te verteren, valt het uit elkaar tot het een micro- of zelfs nanoplastic wordt. Het mag dan wel onzichtbaar zijn, maar het is toch een probleem. Groter zelfs dan we altijd dachten.

Wat gebeurt er met plastic?

Een plastic tasje dat in een bos, een meer of in de zee terechtkomt, valt na verloop van tijd in kleinere stukjes uit elkaar. Deze deeltjes vallen ook weer uit elkaar, tot ze zo klein zijn dat je ze met het blote oog niet kunt zien. Ze zijn er echter nog steeds. Plastic deeltjes kun je als volgt opdelen:

  • Macroplastics: Stukjes plastic die je nog kunt zien en vastpakken.
  • Mesoplastics: Kleiner plastic, je kunt het bijna niet vastpakken. Het is nog wel zichtbaar en is groter dan 5 mm.
  • Microplastics: Deeltjes met een afmeting van tussen de 1 en 5 mm.
  • Microkorrels of microbeads: Deeltjes kleiner dan 1 mm. Je vindt ze ook in cosmetica.
  • Nanoplastics: Hebben een afmeting van 1 tot 1000 nanometer.

De kleinste deeltjes plastic zijn afkomstig van het wassen van synthetische kleding, slijtage van autobanden, maar ook van cosmetica. Aan shampoo, zeep, tandpasta en andere verzorgende producten worden microkorrels toegevoegd. Alleen al door cosmetica (je wast je haar of gebruikt scrubbende gel), spoelen er elke douchebeurt 4500 tot 90.000 microdeeltjes plastic met het douchewater mee. Volgens onderzoeken komt er zo elke dag 75.000 kilo plastic in het riool terecht.

Hoe schadelijk zijn micro- en nanoplastics?

Al sinds de jaren vijftig is men zich bewust van het feit dat plastic in onze leefomgeving terechtkomt. Helaas wordt er pas sinds een paar jaar onderzoek naar gedaan, wat de gevolgen zijn voor de natuur en voor onszelf. Jammer genoeg is nog niet echt duidelijk wat voor schade microplastics kunnen aanrichten. Maar het lijkt erop dat dit erger zou kunnen zijn dan gedacht.

Wat wel duidelijk is, is dat plastic in de voedselketen terechtkomt. Vissen slikken de microscopische deeltjes in. Ook andere waterdieren zoals oesters en mosselen nemen ze op. Deze diertjes krijgen hierdoor minder voeding binnen en het verstoort de voortplanting. Natuurlijk gebeurt dit ook bij heel veel andere diersoorten. En omdat vissen weer opgegeten worden door andere dieren, krijgen zij ook weer meer plastic binnen.

Mensen komen zowel in hun huizen als via hun voedsel in contact met microplastics. Uit meerdere onderzoeken blijkt dat je in een jaar meer dan 100.000 microplastic deeltjes binnenkrijgt via je darmen en longen. Recent (september 2019) is gebleken uit onderzoek door de Rijksuniversiteit Groningen, dat deze deeltjes (nylon) de groei van longen kunnen remmen.

Ook kunnen nanoplastics wel degelijk de celmembranen van de darmen passeren. Ze kunnen dus in je bloedbaan terechtkomen. Sommige deeltjes zullen ook weer via de ontlasting je lichaam verlaten, maar de kleinste deeltjes hebben juist een grotere kans om opgenomen te worden. Wat niet bekend is, is wat voor effect deze deeltjes hebben. Onderzoekers denken dat ze chemicaliën en eventuele ziektekiemen met zich mee kunnen brengen.

Dat is ook de reden dat nanoplastics een negatief effect kunnen hebben op het immuunsysteem. Er is onderzoek gedaan naar de reactie van immuuncellen op deze kleine deeltjes. Het blijkt dat immuuncellen na het “opeten” van bepaalde nanoplastics (met een coating) dood gingen. Het was een test in een kweekschaaltje, dus dat zijn niet dezelfde omstandigheden als in het lichaam. Maar onderzoekers geven aan dat er dus echt meer onderzoek nodig is om hier meer over te weten te komen.

Microplastics vermijden

Micro- en nanoplastics worden inmiddels overal gevonden: van de bodem van de oceanen tot het ijs van Antarctica. Het is ook geen wonder als je ziet hoeveel plastic we gebruiken. Zelfs de lucht die we in huis inademen bevat microplastics, doordat we synthetische gordijnen ophangen of over vloerbedekking met nylon lopen.

Aangeraden wordt dus om zo min mogelijk synthetische producten te gebruiken. Denk aan je kleding, de cosmetica die je gebruikt. Kies voor producten waar het Zero Label op staat, deze bevatten geen plastic ingrediënten. Let op de plastic bakjes en zakjes in de vriezer, het theezakje waarmee je je thee zet en het speelgoed waarmee je kind speelt. Het helpt ook om vaker te stofzuigen en je huis regelmatig te luchten.

Het lijkt erop dat we veel meer micro- en nanoplastic deeltjes binnenkrijgen dan we dachten. En dat deze in onszelf en in de natuur veel meer schade kunnen toebrengen dan gedacht. Het wordt tijd om onder ogen te zien, dat we ons gedrag echt moeten veranderen.

Al doen we het maar alleen voor onze eigen gezondheid, maar als je verder kijkt, natuurlijk ook voor de natuur. We laten sporen na in bossen, velden, zelfs tot hoog in de bergen en in de oceanen. Tot in onze eigen lichamen. Een spoor van plastic in dier en mens, dat daar het leven verstoort op celniveau. We kunnen dit veranderen en het is ook onze verantwoordelijkheid om dat te doen. Neem jij die ook?

Een reactie op “Microplastic: kleine deeltjes, megagroot probleem

  1. Lici van Strawies zegt:

    Echt shocking hoeveel microplastics je binnen krijgt door zoiets simpels als een theezakje. Ik heb begrepen dat vooral die driehoekige theezakjes de boosdoener zijn. Helaas vind ik dat ook altijd de lekkerste thee haha. Hebben jullie nog een gouden tip voor een lekker theetje?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *