Katoen, het meest vervuilende landbouwproduct van de wereld

Wat draag jij vandaag? Een blouse, een spijkerbroek, sokken en je ondergoed. Of een rokje en een vest erbij. Zeker, het staat allemaal zo leuk, het zit ook lekker. Het meeste dat je draagt is gemaakt van katoen. Een makkelijke stof, die prettig aanvoelt aan je huid. Het laat vocht en lucht door, zodat het niet aan je vastplakt als het warm hebt. Ideaal. Of toch niet? Katoen, zo blijkt, is ontzettend vervuilend en slecht voor het milieu!

De lange geschiedenis van katoen

We gebruiken katoen al bijna 5000 jaar als stof voor onze kleding. Het groeit goed in tropische, subtropische en gematigde streken (niet in Nederland dus). Voor bijvoorbeeld India en Peru is het een van de belangrijkste exportproducten. Door de ontwikkelingen in de industrie kon in de loop van de afgelopen eeuwen, katoen steeds makkelijker op grote schaal worden verbouwd. Hierdoor kon kleding goedkoop geproduceerd worden en konden prijzen laag gehouden worden. Deze grootschaligheid levert echter grote problemen op voor zowel mens als natuur.

Groot waterverbruik

De katoenplant is een dorstige plant. Voor een kilo katoen is ongeveer 10.000 liter water nodig. Dat betekent dat voor een t-shirt 2500 liter water nodig is, en meer dan 7000 liter voor een spijkerbroek. Dat zijn hoeveelheden waar je toch wel even van staat te kijken. Het water voor alle velden vol katoen komt uit rivieren, meren en waterreservoirs. Maar deze grote waterconsumptie zorgt in veel gebieden voor tekorten, zowel voor de lokale bevolking als voor de natuur. Je ziet dat er meer erosie, verzilting en uitdroging voorkomt.

Pesticiden, insecticiden, giftige stoffen

Ook wat chemicaliën betreft maakt katoen geen goede beurt. Katoentelers gebruiken veel pesticiden en insecticiden. Er zijn ook chemische middelen nodig om te zorgen dat de katoenbollen makkelijker te plukken zijn. Katoen maakt maar 1/33 deel van alle gewassen op de wereld uit, maar een kwart van alle insecticiden ter wereld wordt voor de katoenteelt gebruikt. Deze giftige stoffen zijn schadelijk voor de boeren en arbeiders die ermee werken, maar ook voor het milieu. Na de oogst wordt katoen ook bewerkt (net als alle andere stoffen) met verf. Ook hierin zitten giftige stoffen die schadelijk zijn voor mens en natuur.

Biologisch katoen

Het alternatief voor gewone katoen is over te gaan op kleding van biologische katoen. Chemische bestrijdingsmiddelen worden hier niet gebruikt. Er worden natuurlijke middelen ingezet, zoals knoflookmengsels en vallen met feromonen (geurstoffen), die schadelijke insecten vangen of juist wegjagen. De boeren zorgen ook voor wisselteelt. Katoen wordt dan om de zoveel jaar afgewisseld met granen en peulvruchten. Hierdoor wordt de bodem minder uitgeput en wordt de kans op ziektes ook verkleind. Wel blijft ook bij biologische katoen het waterverbruik natuurlijk een probleem.

Alternatieven voor katoen

Het is ook een idee om andere grondstoffen te gebruiken in plaats van katoen. Stoffen die het milieu minder belasten, omdat ze sterker zijn en daardoor minder vatbaar voor ziektes. Voor deze planten zijn dus minder pesticiden en chemicaliën nodig. Ze verbruiken minder water en voedsel en groeien vaak sneller.

Bamboe: Groeit snel en heeft weinig water nodig. Helaas is het een nogal harde plant, en om de vezels zacht te maken heb je wel chemicaliën als natriumhydroxide nodig.

Hennep: Heeft een sterk afweersysteem, zuivert het grondwater, groeit twee keer sneller als katoen en kan in vele klimaten groeien. Het draagt niet zo comfortabel als katoen, het is wat stug. Daardoor is hennep meer geschikt voor jassen en schoenen. Het kan wel gemixt worden met katoen, dan is het soepeler.

Linnen: Komt van de vlasplant, groeit makkelijk, er zijn weinig kunstmest en bestrijdingsmiddelen nodig. Is vocht- en warmteregulerend. Er is ook biologisch linnen.

Brandnetel: Groeit makkelijk en snel. Het is een sterke plant. In Nederland sloeg kleding van brandnetelvezels echter niet aan en nu wordt het niet meer geproduceerd. Een gemiste kans?

Algen en zeewier: Onderzoek naar de mogelijkheden om uit algen en zeewier cellulose te winnen is aan de gang. Ook kunnen de vezels van algen aan elkaar geplakt worden om er een stevige stof van te maken. In hoeverre dit een natuurlijke stof is, is niet duidelijk.

Ingeo: Deze stof wordt gemaakt van gefermenteerde suikers van planten, zoals bijvoorbeeld mais. Van de suikers worden pellets gemaakt en die worden in kleding omgezet. Het kost de helft van de energie die nodig is voor de productie van katoen. Ook hierbij is het de vraag of dit een natuurproduct oplevert.

Reacties

Reageer